| |
|
|
|
| Kasteel Forreist |
 |
|
| |
Het sober neoclassicistische kasteel Forreist werd gebouwd in opdracht van Anselme de Peellaert, kamerheer van Napoleon Bonaparte. Met dit project wilde hij een landgoed oprichten dat beantwoordde aan de representatieve eisen van zijn tijd en dat waardig zou zijn om de keizer te ontvangen. Vermoedelijk werden de bouwwerken omstreeks 1808 aangevat, mogelijk na de volledige sloop van een oudere hoeve die zich op de site bevond. Het ontwerp sloot aan bij de strenge en rationele vormentaal van het neoclassicisme, dat in het begin van de negentiende eeuw sterk geassocieerd werd met orde, macht en prestige.
De politieke omwentelingen die volgden op de val van Napoleon maakten echter abrupt een einde aan de ambities van Anselme de Peellaert. Hij verloor zijn inkomsten en beschikte niet langer over de financiële middelen om het project te voltooien. Na zijn overlijden in 1817 bleef een grotendeels leegstaand kasteel achter, waarvan de westvleugel onafgewerkt was gebleven. Het gebouw verkeerde in een onvoltooide staat, wat het lot van vele napoleontische bouwprojecten in deze periode weerspiegelt.
Het onafgewerkte kasteel kwam nadien in handen van de familie Pecsteen de Lampreel. Zij lieten het bestaande gebouw aanpassen en voltooien en verruimden tevens de parkaanleg rond het kasteel. Het domein werd aanvankelijk bewoond door Charles-Honoré Pecsteen, die in 1845 tot baron werd verheven. Hij was één van de meest invloedrijke politici in Brugge en West-Vlaanderen in de eerste helft van de negentiende eeuw en vervulde onder meer belangrijke bestuurlijke functies. Onder zijn bewoning kreeg het kasteel Forreist een vaste plaats binnen het regionale politieke en maatschappelijke leven.
In de periode tussen 1907 en 1909 onderging het kasteel een grondige verbouwing en verfraaiing. Deze werken werden uitgevoerd naar plannen van de Brugse architect Louis Ernest Charels. Het gebouw werd uitgebreid en voorzien van bijkomende neoclassicistische elementen, waardoor het een meer afgewerkt en representatief karakter kreeg. Deze ingrepen gaven het kasteel zijn herkenbare vorm en versterkten de architecturale samenhang tussen hoofdgebouw en park.
In 1937 kwam het kasteel in handen van de familie van Caloen – Rotsart de Hertaing. Na de Tweede Wereldoorlog werd het kasteel grondig gerestaureerd en verlaagd, een ingreep die kaderde binnen de toenmalige opvattingen over herstelling en aanpassing van historische gebouwen. Deze werken zorgden ervoor dat het kasteel zijn residentiële functie kon behouden, zij het in een aangepaste vorm.
Roger baron van Caloen, die overleed in 1985, en zijn echtgenote Monique barones de Coninck de Merckem, overleden in 2012, waren de laatste bewoners uit de adellijke familie van Caloen. Met hun overlijden kwam een einde aan een lange periode van adellijke bewoning van het kasteel Forreist.
In de eenentwintigste eeuw kreeg het kasteel opnieuw een belangrijke impuls. Na een restauratie die ongeveer negen jaar in beslag nam, werd kasteel Forreist in 2023 bekroond met de Onroerend Erfgoedprijs. Tijdens deze grondige herwerking werden het gebouw en de bijhorende structuren met uiterste zorg hersteld, met respect voor de historische gelaagdheid en de neoclassicistische architectuur. Dankzij deze restauratie kreeg het kasteel zijn oude glorie terug en werd het opnieuw duurzaam in gebruik genomen, als een waardevolle getuige van twee eeuwen architectuur- en eigendomsgeschiedenis. |
| |
Gemeente Sint-Andries
(Deelgemeente van Brugge)
Kasteel niet toegankelijk |
| |
|
|
|
|